Op het Matrix Lyceum in Drachten werken ze met leerlingen die een bijzondere onderwijsbehoefte hebben. Een groot deel van de leerlingen heeft een leerbeperking of ASS (autismespectrumstoornis). Hierdoor moet de docent per leerling een programma op maat aanbieden. In 2017 maakte geschiedenisdocent Jasper Hoekstra kennis met Tijd voor Geschiedenis en hij ontdekte al snel dat dit zomaar eens de oplossing zou kunnen zijn voor hun vraagstuk: “Bij de ‘reguliere’ fysieke methodes is het niet mogelijk om leerlingen écht een programma op maat aan te bieden. Selecteren in het onderwijsmateriaal is niet tot nauwelijks aanwezig of kost heel veel tijd.

Onderwijs op maat

Bij Tijd voor Geschiedenis kan ik per leerling een leerroute maken, op maat gemaakt voor de specifieke leerbehoefte van de leerling.” Dit was voor Jasper een belangrijk argument in de keuze, maar ook de tijdsbesparing speelt een grote rol: “Het gebruik van Tijd voor Geschiedenis bespaart mij ruim de helft van mijn tijd.

Het selecteren van het lesmateriaal is zo goed geïntegreerd in de methode en hetzelfde geldt voor de nakijkmogelijkheden. Dit scheelt veel tijd in de voorbereiding, maar ook in de les zelf. Hierdoor heb ik meer tijd over om de leerlingen individueel te begeleiden en om in te spelen op verschillen tussen leerlingen. Bovendien zorgt de RTTI-indeling van de opdrachten ervoor dat het voor de docenten duidelijk is waar het bij een specifieke leerling ‘fout’ gaat. Daarnaast kunnen de leerlingen ook zelfstandig aan de slag door middel van de ingebouwde planner.” Ook ‘kleinere’ aspecten spelen een wezenlijke rol: “Leerlingen raken vaak in de war als hun antwoord niet op de regeltjes van een fysiek werkboek past, in Tijd voor Geschiedenis hebben ze gelukkig alle ruimte die ze willen! De leerlingen ervaren werken met de methode ook als positief.”

Leerlingen met specifieke leerbehoefte

Jasper had na een paar keer rondkijken en uitproberen al vrij snel door dat de methode het team goed zou kunnen ondersteunen en stapte naar de directie: “De directie is door mij overgehaald om Tijd voor Geschiedenis voor ons aan te schaffen. Werken met een fysieke methode was voor het vak geschiedenis niet werkbaar voor zowel docent als leerling. Aan alle andere scholen met een specifieke leerbehoefte zou ik Tijd voor Geschiedenis absoluut aanraden.

"Zeker weten. Het is tijdbesparend, op maat voor de leerling en brengt voor docenten een hoop gemak mee.” Toch was het voor Jasper in het begin af en toe wel even zoeken: “Het kan wel even duren om het systeem achter de methode te doorgronden. Er kan heel veel met Tijd voor Geschiedenis, maar je moet jezelf eerst wel even de tijd gunnen om hier in te investeren. De samenwerking met de adviseurs is wat dat betreft prettig, ze staan je altijd te woord en denken goed mee.”

Tijdens de eerste coronagolf kregen we er al mee te maken: afstandsonderwijs. En nu moeten we er voor een tweede keer aan geloven. Opnieuw hebben we te maken met de plotselinge overgang naar onderwijs op afstand. Scholen zijn sinds de eerste lockdown op verschillende niveaus voorbereid. Maar zelfs in de beste omstandigheden kan het lesgeven op afstand de uitdagingen versterken die verbonden zijn aan persoonlijke situaties van leerlingen.

Succesvol lesgeven op afstand vereist eigenlijk veel van dezelfde dingen die je tijdens je reguliere lessen ook doet: duidelijkheid, beoordeling, controleren op begrip en tijdige feedback. Dat neemt niet weg dat de afstand uitdagingen toevoegt aan het lesgeven en leren. In dit blog geven we tips hoe je afstandsonderwijs zo effectief mogelijk inricht.

De balans tussen dialoog, structuur en autonomie

De transactional distance theory, ontwikkeld door Moore, stelt dat de transactionele afstand zowel  van toepassing is op de fysieke als psychologische afstand tussen de leerling, de inhoud van de online les en de docent. Dialoog, structuur en autonomie worden beschouwd als sleutelcomponenten die de leeropbrengsten van het afstandsonderwijs beïnvloeden. Wanneer deze componenten in balans zijn, leert een leerling effectief op afstand. Hoe minder de docent rechtstreeks contact heeft met de leerling, hoe meer autonomie de leerling zou moeten krijgen en hoe meer gestructureerd het afstandsonderwijs zou moeten zijn. De transactional distance theory kan docenten helpen bij het identificeren van hulpmiddelen en technieken die het lesgeven en leren op afstand kunnen verbeteren. 

Transtactional distance theory (Moore, M., 1973)

1.      Dialoog

Tijdens het afstandsonderwijs is het van belang om contact te houden met elkaar. De dialoog betreft hier zowel de  communicatie tussen de leerlingen en de docent als de communicatie tussen leerlingen onderling. De dialoog met en tussen leerlingen onderling kun je op verschillende manieren tot stand brengen:

2.      Structuur

Leerlingen hebben behoefte aan structuur, ongeacht of een les fysiek, hybride of online is. Vraag jezelf daarom het volgende af bij het maken van je online lessen: Hoe is het onderwijsprogramma opgebouwd? En wat is de flexibiliteit van het onderwijsprogramma? Het aanbrengen van structuur in je online lessen kan een uitdaging zijn. De volgende tips kunnen je helpen bij het aanbrengen van structuur in je online lessen:

3.      Autonomie

Welke mate van autonomie heeft een leerling bij het leren? Wanneer de transactionele afstand groot is, dan moet een leerling een grote mate van autonomie aankunnen. Zelfstandige leerlingen kunnen dus beter omgaan met deze afstand. De zelfsturing van leerlingen kun je bevorderen door:

Maak online leren zo interactief mogelijk

Om informatie actief te verwerken hebben leerlingen meer nodig dan alleen luisteren en lezen. Zeker online en met een kortere spanningsboog van de leerlingen is het belangrijk om je lessen ook online interactief te maken. Een uur lang zenden over een bepaald onderwerp is tijdens een reguliere les al lastig, laat staan als dat digitaal moet. Houd het dus bondig, bereid je goed voor en zet interactief lesmateriaal in om leerlingen bij de les te houden. 

Blijf in contact en zorg voor vaste contactmomenten

Juist wanneer onderwijs op afstand moet worden gegeven is het belangrijk om leerlingen houvast te bieden door vaste contactmomenten te bepalen. Tijdens deze vaste contactmomenten kun je bespreken waar de leerlingen mee bezig zijn en waar ze tegen aan lopen. Op deze manier houd je een oogje in het zijl en verlies je de controle niet. Je kunt vaste contactmomenten met leerlingen bijvoorbeeld organiseren via Teams, Zoom, Google Hangouts of via een live chat, zoals de live chat in onze digitale methode. Het frequent maar effectief contact houden met leerlingen maakt het afstandsonderwijs toegankelijker voor zowel de docent als de leerling, en hierdoor kunnen docenten eenvoudiger met leerlingen in contact blijven.

Werk met goede apparatuur

Er zijn verschillende tools beschikbaar die scholen de kans bieden om hun lessen online door te laten gaan. Vaak maken docenten voor afstandsonderwijs nog gebruik van telefooncamera’s of (onveilige) webcams. De kwaliteit van deze apparaten is vaak minimaal, waardoor ook de kwaliteit van het onderwijs op afstand belemmerd kan worden. Daarnaast brengen veel van deze gratis tools risico’s met zich mee, met name op het gebied van privacy. Met eenprofessioneel videoconferentie systeem waarborg je de kwaliteit van onderwijs op afstand en kun je er zeker van zijn dat je voldoet aan de AVG-wetgeving. Vervolgens is het natuurlijk van belang om de apparatuur te testen, doe dit ruim voor je start met je eerste les. Dit geld natuurlijk ook voor de leerlingen. Geef ook hen de eerste keer tijd om gewend te raken aan de techniek. 

Zorg voor blijvend effect

Misschien is het voor jou niet mogelijk om deze tips tegelijk te implementeren. Echter kunnen ze wel een leidraad bieden en is het aan te raden om deze tips in je achterhoofd te houden. Door ‘vallen en opstaan’ leren we steeds meer over het afstandsonderwijs. En samen streven we ernaar om het onderwijs op afstand stapsgewijs te verbeteren. Daarnaast moeten we onszelf ook afvragen of alles weer normaal wordt als leerlingen straks weer naar school mogen én welke positieve aspecten het lesgeven op afstand teweeg heeft gebracht. Er bestaat een kans dat er veranderingen in het onderwijssysteem zullen plaatsvinden, omdat leerlingen en docenten niet helemaal terug willen naar het oude systeem. Als docent is het van belang om ook hier in de komende periode al voorbereidingen in te treffen.

Hoe beslissen docenten of een opdracht van een leerling een voldoende of een goed verdient? Hoe kunnen mondelinge presentaties van leerlingen nauwkeurig en transparant geëvalueerd worden? En hoe leren leerlingen om hun eigen en elkaars werk effectief te beoordelen? In dit soort situaties wordt in het onderwijs steeds vaker gebruik gemaakt van rubrics. In dit blog lees je wat een rubric is, wat de voordelen zijn en hoe je rubrics effectief gebruikt bij het beoordelen van opdrachten.

Wat is een rubric?

Een rubric is een matrix die onderscheid maakt tussen ontwikkelingsniveaus op een specifiek prestatiecomponent. Voorbeelden van prestatiecomponenten voor een muziekopdracht waarbij leerlingen een liedje moeten zingen en maken kunnen bijvoorbeeld creativiteit, samenspel en vakmanschap zijn. Rubrics kunnen voor verschillende doeleinden worden gebruikt zoals bijvoorbeeld het beoordelen en evalueren van opdrachten, toetsen en presentaties. Bij Tijd voor Geschiedenis zijn de rubrics bijvoorbeeld uitstekend in te zetten bij keuze- en verdiepingsopdrachten of werkstukken en projecten. Rubrics verschillen van traditionele beoordelingsmethoden omdat ze leerlingen beoordelen op het werkelijke leerproces en hen duidelijk laten zien hoe hun werk wordt geëvalueerd. Daarmee zijn rubrics dus een geschikte manier om opdrachten transparant te beoordelen. Met rubrics krijgen leerlingen inzicht in waarom ze een bepaalde beoordeling gekregen hebben. Er zijn drie verschillende soorten rubrics die zich van elkaar onderscheiden.

Holistische rubric

Bij de holistische rubric krijgt de leerling een beoordeling op basis de volledig gemaakte opdracht. Met een holistische rubric kan een docent het eenvoudigst beoordelen. Echter is het met deze rubric complexer om gerichte feedback te geven.

Analytische rubric

Bij de analytische rubric wordt er onderscheid gemaakt tussen verschillende onderdelen en worden deze ook apart van elkaar beoordeeld. Dit type rubric is veelzijdig en wordt daarom ook het meest gebruikt. Met deze rubric kun je als docent gericht feedback geven.

Single-point rubric

Bij de single-point rubric, ook wel de rubric van 1 genoemd, staat het feedback geven centraal. In de middelste kolom wordt beschreven waar leerlingen aan moeten voldoen om een opdracht te behalen. Aan de verbeterpunten moeten leerlingen zelf invulling geven, waardoor het leerproces van de leerlingen verhoogd wordt. Wel kost het gebruiken van deze soort rubric de docent het meeste werk.

Formatieve toetsen evalueren met rubrics

Rubrics kunnen in het onderwijs ingezet worden om formatieve toetsen te evalueren. Het doel van formatieve beoordeling is om de prestaties van leerlingen te volgen om doorlopende feedback te geven. Formatieve beoordelingsmethodieken zoals rubrics kunnen door docenten gebruikt worden om hun lesgeven te verbeteren, en door leerlingen om hun leerproces te verbeteren. Met een formatieve toets geef je de leerling inzicht in waar ze staan (feedback), waar ze aan voldoen moeten (feedup), en wat nog gedaan moet worden om op een bepaald niveau te komen (feedforward).

Merk je dat leerlingen je herhaaldelijk vragen over de opdrachtcriteria, zelfs nadat je de nagekeken opdracht hebt teruggegeven? Met een rubric geef je leerlingen inzicht in wat er nou echt van hen verwacht wordt bij het maken van een opdracht. Als de rubric door zowel de docent als de leerling ingevuld wordt, kunnen zij samen in gesprek over de (eventuele) verschillen. Als je dit doet, dan krijg je niet de discussie of het cijfer nou een 7 of 8 moet zijn maar praat je samen over hoe ver de leerling gevorderd is in het leerproces. Dit is ook de kern van formatief toetsen. Ga in gesprek met leerlingen over het bereiken van hun persoonlijke leerdoelen.  

De voordelen van evalueren met rubrics

Het voordeel van het gebruik van rubrics bij formatieve beoordelingen is dat ze beschrijvend zijn. Natuurlijk kunnen rubrics worden gebruikt om summatief te evalueren, maar het het idee van een rubric is dat je de prestatie afstemt op de beschrijving in plaats van een cijfer te geven. Een rubric zorgt ervoor dat je transparant en effectiever beoordeeld ten opzichte van een summatieve toetsing zoals bijvoorbeeld een beoordelingsformulier waarbij alleen een onvoldoende, voldoende of goed gegeven wordt. De geschreven beoordelingscriteria zorgen ervoor dat je aan het begin, in het midden en aan het einde van een beoordelingssessie nog steeds hetzelfde beoordeelt. Het evalueren met rubrics heeft voordelen voor zowel docenten als studenten.

Rubrics helpen docenten bij:

Rubrics helpen leerlingen bij:

Waar moet je op letten bij het maken van een rubric?

Effectieve rubrics hebben passende criteria en goedgeschreven prestatiebeschrijvingen. Neem voor het maken van de rubric dus je tijd en spreek de beoordelingscriteria eventueel door met een collega. Als je rubric eenmaal staat, kun je deze ook doorspreken met de leerlingen voordat ze aan een bepaalde opdracht beginnen. Op deze manier weten de leerlingen waar ze naar toe moeten werken. Wil je een stapje verder gaan? Laat de leerlingen dan zichzelf beoordelen en laat ze, waar mogelijk, daarover met elkaar in gesprek gaan. Dit proces bevordert zelfreflectie en zelfsturing bij leerlingen. Gebruik bij de volgende opdracht dezelfde rubric zodat jij als docent en de leerlingen de voortgang kunnen zien. Hieronder zetten we nog een paar concrete tips op een rij om aan de slag te gaan met het maken van een rubric.

5 tips voor het maken van een goede rubric

  1. Maak een omschrijving die duidelijk maar niet te lang is
  2. Limiteer de beoordelingscriteria
  3. Beschrijf kwaliteit en niet kwantiteit
  4. Less is more: gebruik geen opsommingen in de rubric
  5. Maak een omschrijving die de ruimte geeft om creativiteit te beoordelen, maar wees niet te vaag

Rubrics en digitaal lesmateriaal

In onze digitale methodes hebben we verschillende mogelijkheden aangebracht om formatief te toetsen. Je kunt in de methode zelf een rubric toevoegen en maken. Je kiest eenvoudig voor welke klassen of zelfs voor welke individuele leerlingen je een bepaalde rubric gebruikt. Daarnaast kies je of jij als docent de rubric voor de leerlingen invult of dat je de rubric door de leerlingen zelf laat invullen. Vervolgens kun je in het overzicht ook bekijken wat de voortgang hiervan is. Na het invullen van de rubric zie je welke beoordeling jij de leerling of de leerling zichzelf gaf. Ook heb je hier de mogelijkheid om feedback te geven waarom een leerling op een bepaalde manier beoordeeld is. Als een single-point rubric gebruikt is kan hier aangegeven worden waarom een leerling nog op een bepaald level zit. In de methode vind je deze functie in het dashboard onder het kopje ‘Leerlingvolgsysteem’ en dan ‘Rubrics’.

“Muziekonderwijs op afstand? Ik hoorde mezelf al met 30 leerlingen en vertraging op de lijn zingen!”
- Annika van Dijk (muziekdocent op het Vathorst College)

Onderwijs op afstand

Onderwijs op afstand. ‘Dat geldt toch niet voor muziek?’, was mijn eerste reactie. Ik hoorde mezelf al met 30 brugklassers en vertraging op de lijn zingen. Mijn tweede reactie: ‘Gelukkig geldt het óók voor muziek’. Inmiddels voel ik me plaatsvervangend beledigd als ik hoor dat sommige andere scholen tijdens deze periode de kunstvakken maar even laten zitten. Kunst hoort in het curriculum, ook nu, juist nu. Kunst helpt. Kijk maar naar alle creatieve filmpjes nu die op social media rondgaan of de hashtag #tussenkunstenquarantaine. 

Maar goed, het ontwikkelen van muzieklessen op afstand is niet makkelijk. Het muziekonderwijs bij mij op school (Vathorst College) is met name gericht op samen musiceren. Dat betekent voor nu dat we een nieuw programma moeten vormgeven. Gelukkig worden er via social media veel helpende handen uitgestoken. Lesideeën en handige apps worden uitgewisseld. Het moment dat ik dacht ‘dit komt goed’, was toen ik zag dat muziekmethodes, waaronder BeatsNbits, hun digitale programma openstellen voor heel Nederland. Wat een gul gebaar.

Digitale methode met veel voordelen

Vorig schooljaar hebben mijn muziekcollega’s en ik op uitnodiging van BeatsNbits een proefabonnement gehad, om te kijken of deze methode iets voor het Vathorst College is. We hebben uiteindelijk besloten om het niet te doen: ons onderwijs is vrijwel volledig digitaal. We vinden het juist zo goed dat leerlingen bij de vier kunstvakken hun laptop niet of nauwelijks hoeven te gebruiken. Daarnaast hebben we de luxe van veel praktijklokalen, dus vonden we al met al de methode te digitaal. Wél sprak de overzichtelijke site ons erg aan en vonden we de opdrachten erg leuk en afwisselend. Een digitale methode heeft ook veel voordelen, dat blijkt nu wel. We zijn ontzettend blij dat BeatsNbits tijdelijk voor ons beschikbaar is en maken er dankbaar gebruik van. 

Met mijn tweede klassen heb ik de opdracht over filmmuziek gedaan. Toch spannend wat er komt en wat leerlingen van de opdracht vinden. In het exit ticket hebben ze vragen als ‘wat is jouw favoriete filmmuziek?’ en ‘hoe vond je deze opdracht?’ beantwoord. Ook moesten ze een selfie uploaden met het resultaat van de les. Al die vrolijke gezichten met hun eigen gemaakte filmmuziek maakten dat ik blij en opgelucht kon terugkijken op de eerste lessen op afstand. De leerlingen waren ook erg enthousiast. Vooral de jongen die zei: ‘Ik vind dit veel leuker dan wat we normaal doen bij muziek’. 

© Vodix 2021
Privacybeleid

crossmenu